|
|
|
Blog van eline
Als het leven een klein beetje anders was gegaan.
Close Close, in al zijn betekenissen.
Ik stap het kleine kantoortje binnen. Ik heb het onbewust altijd een kantoortje genoemd in plaats van appartement, omdat het bij mij zo veel zakelijks oproept. Het is er licht, zoals altijd. Alles hier is wit of van licht, modern staal. Het is hier strak ingericht, op een minder minimalistische manier dan waar de meubels eigenlijk voor ontworpen zijn. Hij vindt het mooi. Ik ook wel, maar ik heb me er nooit bij thuis kunnen voelen. Alles is zo ontzettend... praktisch.
Het is alweer een tijd geleden dat ik hier binnenstapte, maar het is nog precies hetzelfde. Hij is druk bezig aan zijn bureau met allerlei dingen.
Hij is geen dromer, absoluut niet. Geen fantasist, geen hippie. De strakke vormen van de werkelijkheid hebben hem altijd geïnspireerd, en hij heeft zich er altijd door laten leiden. Dat had tot gevolg dat hij een stuk geordener is dan ik, maar dat was toch al niet moeilijk. Hij denkt het leven onder controle te hebben door naar de regels te leven. Meerdere keren heb ik me afgevraagd of hij wel geniet, zeker als ik hier ben met mijn dwalende, losse geest. Soms had ik het gevoel dat ik hem ergerde met dwaze ideeën en een eigenwijze, onrealistische kijk op... Nou ja, op alles.
Hij kijkt op. 'Hallo,' zeg ik, niet meer dan dat. Hij groet terug en vraag hoe het gaat. 'Goed,' lieg ik vriendelijk. Ik ga tegenover hem zitten. 'En met jou?' 'Ja, prima.' Ja natuurlijk, en ik ben een erwt. Ik had ook geen ander antwoord verwacht. Het verdere gesprek gaat over koetjes en kalfjes. De sfeer heeft de smaak van suikervrije zoetstof. De smaak van gemaakte vriendelijkheid. 'Zo, druk bezig?' vraag ik tenslotte maar, als alle hoe-is-het vragen voorbij zijn. 'Altijd, hè' glimlacht hij. Het blijft stil. Ik kijk hem aan en hij kijkt terug met een gezicht dat zo min mogelijk van de binnenkant wil uitstralen. Een gezicht dat zegt 'Ik? Ik heb nergens last van, hoor! Oh, je had nog niets gevraagd?' Wil je dat ik ga? vraag ik hem in gedachten. Ik zeg niets en ga staan. Hij groet niet, zijn blik gaat niet terug naar zijn passie, zijn werk, zijn werkelijkheid. Of wil je dat ik blijf? Ik kijk hem vragend aan, maar hij zegt niets. Ik loop naar het keukentje en ga maar koffie zetten. Precies zoals het was, ieder kopje...
Terwijl de koffie loopt kijk ik eens rond. Daar staat een souvenir die we samen hebben gekocht op vakantie. Heb je me gemist? Ik kijk naar het glazen kubusje en kijk hem dan met een glimlach aan. Hij volgt mijn blik niet. Slechts een doodgewone glimlach krijg ik terug voor hij zijn ogen weer neer slaat. Hij maakt me hier zo boos mee, dat heeft hij altijd gedaan. Dat verstandelijke gedoe, dat koele... Dat áfstandelijke. Vertrouw je me niet? Toch heb ik het hem nooit gezegd, hoe zou ik het moeten uitleggen?
Ik loop langzaam naar het raam. Jaja, wat een uitzicht. De eerste keer dat je dat tegen me zei, was het begin van een heleboel... Heleboel. Ik draai me om. Weet je nog? Hij weet van niets, zeggen zijn ogen. Ik kijk verder. Op het lage tafeltje naast de bank ligt een wimper. Dan mag je een wens doen, vertelde ik hem altijd. Een wens... Zeg me dan wat je wilt, wat je zo verlangt... Je hoeft het alleen maar te zeggen... Hij bladert onschuldig door het papier op zijn bureau en zet muziek op om de stilte te verdrijven. Ik blader door het boek dat op tafel ligt. Hij vertelt ongevraagd waar het over gaat, maar het ontgaat me en wacht beleefd tot hij uitgepraat is. Op een gemaakt-geïnteresseerde manier knik ik vriendelijk. Dan loop ik naar de kast waar zijn jasje aan hangt. 'Hee, is dit niet dat jasje dat ik je altijd zo leuk vond staan?' vraag ik. Zijn vingers houden op met tikken en blijven zweven boven het toetsenbord. 'Ehm... Ja, dat klopt, dat is die.' En dan komt het. Hij zucht. Met een ruk draai ik me om en vang nog net zijn blik op... Voor hij weer compleet op slot gaat. Die verstandigheid, dat overtuigen dat het maar beter is dat ik niet weet wat er in hem omgaat, is terug voor ik iets kan zeggen. Als een betonnen muur doemt het weer voor me op. En met geen drilboor te doorbreken. Hij doet net alsof hij niet begrijpt waarom ik zo staar. Je was daar net even, zoals ik je probeerde te kennen, voordat ik weg ging... Maar het is weer verdwenen, opgesloten. Begrijp je waarom ik weg ben? Je hebt geen flauw idee. Toch durf je niets te vragen. En dat is precies de reden... Een vicieuze cirkel noemde hij dat ooit, geloof ik. Ik loop naar hem toe. Ik ga je niet open bréken, je zult het zelf moeten doen. Ongemakkelijk bladert hij wat door de stapels papier. Waar ben je bang voor? Ik kijk hem doordringend aan, maar dat heeft nooit geholpen. Het lijkt even alsof hij moeite heeft de betonnen muur overeind te houden. 'W... Wat is er?' vraagt hij dan maar. Wat is er... Ik krijg de neiging om te schreeuwen, om hem vast te pakken, te omhelzen en te huilen. Maar ik zeg slechts: 'Ik geloof dat ik je maar niet langer moet storen.' En voor hij de tijd krijgt om daar iets tegenin te brengen stap ik de deur al uit.
Alweer. eline - Reageer NU! - 11-06-08 16:49:14 - Kliks: 275
Doctors Never Laugh ...the Doctor replied 'Of course I won't laugh, I'm a professional. In over twenty years I've never laughed at a patient.'
'Okay then,' Bob said, and proceeded to drop his trousers, revealing the tiniest 'whoo-ha' the doctor had ever seen. It couldn't have been bigger than the size of a AAA battery.
Unable to control himself, the doctor started giggling, then fell laughing to the floor. Ten minutes later he was able to struggle to his feet and regain his composure. 'I'm so sorry,' said the doctor. 'I really am. I don't know what came over me. On my honor as a doctor and a gentleman, I promise it won't happen again. Now, what seems to be the problem?'
'It's swollen,' Bob replied. eline - Reacties: 3 - 27-03-08 20:55:44 - Kliks: 245
Waarom mensen niet kunnen vliegen -lees m hier in stijl-
Dat verwarde gevoel, het zal de gure, zure herfst wel zijn. Misschien... Wás het de herfst maar.
Het is niet zo dat ik iets tekortkom. Ik heb lieve mensen om me heen, en alles wat ik nodig heb. Maar toch… Ik wil weg. Weet niet waarheen, gewoon ver weg. Duitsland oversteken naar Italië, Kroatië of zelfs Griekenland. Of naar de VS! Terugkomen als iemand die het heeft gemaakt in de muziek! Zo niet, dan verdwijn ik gewoon. Ga ergens tussen de Franse bergen wonen, in een vergeten hutje waar nooit iemand komt en waar je de cicaden kunt horen zoemen... Elke dag aan zee liggen, gewoon niets doen en nergens aan hoeven denken. Niemand kennen en niemand die mij kent, of wil kennen. Gewoon niets meer... Het hele jaar door zomer! Gewoon gaan en blijven waar je wilt!
… Vergeten wie ik ben/was/moet zijn. Zand is warm onder mijn rug en de zon prikt door mijn hoed heen. Het ruisen van de zee lijkt tegelijk te gaan met het ruisen van mijn bloed in mijn oren. In mijn rechter schouderblad prikt een schelpje, maar net niet pijnlijk genoeg om ervoor op te staan. Er gaat muziek door mijn gedachten heen en ik pak m’n gitaar. Liggend op mijn rug speel ik wat akkoorden. Waar ken ik dat toch van? Het komt me zo bekend voor, maar ik kan het niet plaatsen. Tussen de golven door herhaalt de muziek zich in mijn hoofd. dat éne regeltje... Van de tekst herken ik slechts een paar woorden, die langzaam boven drijven in het lome ruisen van mijn hoofd... Another summer day Is come and gone away In Paris and Rome....
Met een ruk ga ik rechtop zitten. Mijn hele lichaam protesteert en er gaat een loom dreunen door mijn hoofd. Als de sterretjes voor mijn ogen weggetrokken zijn komt dat bekende gevoel met zijn melodie terug
In Paris and Rome But I wanna go home Mmmmmmmm Let me go home I'm just too far from where you are I wanna come home
Het is zó bekend, maar toch kan ik het nog niet plaatsen. Het doet me denken aan een warme plaats, maar niet één die doorbrand en geblakerd is van de zon. Nee, anders warm… Een plek zonder straatjes die bestaan uit hobbelige, warme keien. Ergens waar ze geen zoemende hitte hebben. Ergens waar ze me kennen... Langzaam sta ik op. Duizeligheid gonst door mijn hoofd en even wankel ik. Ik heb het gevoel dat ik ergens hoor, maar niet hier. Ik hoor hier niet. Maar waar wel? Ik kijk naar de bergen. Dan naar mijn gitaar. Ik weet het niet. Ik pak mijn hoed van de grond en zet hem op mijn hoofd. Home... Home... Ik herinner mij iemand die mij mist. Mijn gebruinde tenen graven zich in het zand. Er komt een gevoel in me op die zegt dat ik Ergens heen moet. Waar is Ergens? Home... Ik moet ergens heen. Maar wie is ik? Wie is ik ooit geweest? Ergens in de verte blaft een hond, maar het geluid lijkt slechts te bestaan uit een idee van een geluid. Vastbesloten doe ik een paar stappen en mijn gitaar sleept achter mij aan. Mijn gebladerde schouders voelen zwaar aan en de wind blaast mij langs de waterkant. Er is iemand die mij mist. Of niet? Er moet toch iemand zijn? Want ik ben nergens, ik ben weg. "Mis mij" fluister ik tegen niemand meer dan de wind. Langzaam ga ik in de branding zitten. Ik zucht en de wind zucht met mij mee. Al zoveel wegen ingeslagen... Er is ergens waar ik begon, lang geleden.. Maar ik kan me daar geen zand meer herinneren...
eline - Reageer NU! - 16-11-07 21:03:50 - Kliks: 366
Wat doen ze me aan.. Wat doen ze me aan..
Zoals we de vorige keer de economie-godsdienstdag hadden, hebben ze weer wat verzonnen. Even over de eco-gd dag: Dat was een combinatieproject van ecomie met godsdienst. Ze hadden zoiets van: we willen wat doen met economie, maar slechts een deel van de leerlingen heeft economie, hoe kunnen we zo veel mogelijk mensen *benadelen*... Hm... Oh, wacht, Godsdienst! Natuurlijk, we zouden met een beetje geluk maar vier uurtjes nodig hebben voor dit project. Uiteindelijk heeft bijna iedereen van 1-7 op school gezeten. Nu hebben ze iets nog veeel leukers bedacht: Wiskundedag. WAT?! Ja, echt. Ze willen mij, bijna de grootste wiskundehater een hele dag, dat betekent ZEVEN UUR, aan wiskunde bezig houden! Ja ik weet het, ik ben heel negatief, maar voor mijn part kunnen ze net zo goed een Witlofdag houden, of een Natte-zwembadvloerendag. Met natte afgeweekte pleisters en lange, natte ronddrijvende haren. Precies. De laatste tijd ben ik sowieso erg gedemotiveerd voor school. Ja ja ja, toekomst bladiebla. Maar soms heb ik een rotdag en denk ik echt van: WAT doe ik hier, ik wil hier niet zijn, ik wil weg... Gewoon zo snel mogelijk werken, klaar met het ge*zeur*. Weg met de nachtmerries genaamd Blijdorp en Dreschler, weg met de stressbommen genaamd Toetsweken. Geen last meer van mijn grootste probleem: plannen. Maar goed, die wiskundedag zit er toch echt aan te komen, en er is geen ontkomen aan. Zeven uur lang... wiskunde... en ik hou het normaal per dag nog geen half uur vol... Zucht. Ja, natuurlijk, laten we er het beste maar van maken. Ofzo.
Maar als antwoord roep ik Woensdag 14 November uit tot de Nationale Zit-op-tafels dag, de Plak-je-kauwgom-overaldag, Veroorzaak-relletjesdag, Voedselgevecht-in-de-Auladag én de Knock-on-their-door-and-then-run-awaydag. They hate that. Muahahahaha!!!
eline - Reacties: 6 - 01-11-07 21:28:24 - Kliks: 270
Klant is Koning? Franse Revolutie! Lees m in stijl
Jaja, nu al een aardige tijd werk ik bij de Lidl. En met veel plezier, vooral vanwege de collega's en de toffe werksfeer. Nee, niet vanwege het werk zelf, vooral NIET vanwege het werk zelf. Ik heb vakantie en werk me helemaal gek, deze week zo'n 42 uur. Van 's morgens vroeg tot 's avonds laat dus. Zo ook vanmorgen weer. Lekker hoor, om 8 uur beginnen. Not. Want dan moet je eerst alle koeling uitpakken. Alle worst, ham, kaas, en *bleeh..* boerenleverpastij. En die doze passen dus noooooooit op hun plek, dus daar moet je weer een ander plekje voor gaan zoeken. En als het wel past mag je eerst alle oude dozen eruit trekken om de nieuwste achteraan te zetten.. Als je dan klaar bent blijkt dat de oudste net niet meer past! Precies, alles er weer uit halen... Saggo word je ervan. En je mag lekker peuren tussen alle wegrottende bananen en al je nagels ingescheurd krijgen door de dozen die niet gescheurd willen worden.
En dan gaat de winkel open. De eerste klanten komen binnen. Echt, als ik 1 ding mocht afschaffen binnen de Lidl, dan waren het de klanten. Maargoed, zonder klanten geen Lidl he. Okee, sommigen zijn best wel heel erg gezellig, die zetten dozen op mn hoofd enzo, als ik ze laat vallen. Maar er zitter er een paar tussen...
De eerste klanten rond 8 uur: gehaast, moet snel naar mn werk dus vertel me asjeblieft snel waar je die tomaten hebt gelaten die nu wel TIEN cent goedkoper zijn. 'Tja, die staan dus helemaal onderop, mevrouw...' 'Ja, maar ik moet ze toch hebben.' Natuurlijk...
Daarna heb je alle moeders die de kids op school hebben, en de gepensioneerde mensen en oudjes uit het bejaardetehuis van hiernaast, oftewel: Haast bestaat niet. Ben je een keer galant en blijf je met een loodzware doos met 20 netten vol sinasappels staan om een oud vrouwtje erlangs te laten schuifelen, blijft ze halverwege het te smalle gangpad met trillende handjes staan kwijlen naar een prijsbord van de asperges... Sorry, ze zijn heel lief hoor, die oude mensjes, maar NIET als mijn vingers langzaam afbreken onder 20 kilo sinasappels!!
Van die mutsen die met zn tweeën, met allebei een eigen karretje in het gangpad gaan staan praten. "En Suus woonde toen nog naast Frits, in dat oude huis weet je wel, bladibla" "Oh èèècht?" "Jaaaa joh, dat hoorde ik van die en die..." En als er een man ergens een paar meter gegeneerd in de weg staat te staan, dan weet je: die hoort erbij. Die twee Patty Brards hebben gewoon drie kwartier staan mutsen. Tegen die tijd weet je de complete stamboom en liefdesaffaires van iedereen waarvan je het niet zou willen weten. Dames, HET GANPAD IS TE SMAL VOOR ONS BEIDEN. Want ik moet me er zessendertig keer langsproppen met 30 kilo bananen in mn handen.
En dan heb je nog de klant die eigenlijk een Tomtom in de winkel zou moeten hebben. Sta je net tussen de yoghurtpakken alles eruit te slepen omdat de nieuwe toch écht onder op moeten, en geloof me, dat kweekt hernia's... 'Mevrouw, u had toch witlof in de aanbieding? Ik kan de witlof niet vinden." Ik zucht. "Wie zoekt, die vindt" mompel ik gedempt tegen de yoghurtpakken van 30-11-07. "Pardon?" Rustig sta ik op, en met een poeslieve glimlach keer ik me tot de vrouw. "Direct achter u, mevrouw."
eline - Reacties: 6 - 25-10-07 22:51:40 - Kliks: 536
Filosoferen met een huisvlieg Goed, pittige blog: neem even de tijd 
Vakantie en ik verveel me helemaal het heen en weer want Roel is op vakantie. Het weer zat de afgelopen week ook niet echt mee, maar daar heb ik nauwelijks wat van gemerkt. Zo gauw ik klaar ben met werken heb ik geen idee wat ik moet doen. Ben uit pure wanhoop maar een kastje gaan schuren dat ik wit wil hebben. Maar alles wat ik doe verveelt binnen 2 minuten. Zelfs winkelen. Ik breng dan ook heel wat tijd door met plafondstaren. Dat doe je als volgt: neem een grote, brede bureaustoel die kantelt als je achterover leunt, ga daar in zitten (al zullen de meesten deze houding met liggen beschrijven) en plant je Allstars op het bureau. Vanzelf kantel je naar achter en kijk je recht naar het plafond. Vlak boven de plek vaar mijn bureaustoel meestal staat, zit een klein zwart vlekje op het plafond. Dat is/was een mug, die ik min of meer per ongeluk heb geplet. Dat wil zeggen, half slapend had ik niet eens verwacht dat ik de mug ook inderdaad zou raken met de rug van mijn hand. Afijn, zo breng ik dus uren door met het kijken naar dat mugje, in diepe gedachten. Ofzo. Dit keer in stilte, wat vrij zeldzaam is in mijn kamer, aangezien er bijna altijd muziek aanstaat. Deze keer was er stilte die slechts werd onderbroken door het irritante gebrom van een vlieg. Ik zuchtte. Eeuwigheid. Wat een vaag begrip. Het is zeg maar een hele lange tijd. En daarna komt er nog een hele lange tijd. En dan nog één... Er komt gewoon geen eind aan. 'Bzzzzzzz' zoemde de vlieg tussendoor. Dat is wel moeilijk te begrijpen voor een mens die na ieder begin altijd een eind ziet. Misschien is de eeuwigheid wel helemaal niet zo moeilijk, maar is het juist het begrip ‘eind’ dat t zo lastig te begrijpen maakt. 'Zzzzzzzzzzz' De vlieg vloog uitdagend voor mijn gezicht langs. Ik bedoel, als er geen eind was, dan was de eeuwigheid gewoon heel vanzelfsprekend. Andersom natuurlijk ook, wat voor mensen het geval is. 'Bzzzzzzzz zzzz bzzzzz' ging de vlieg onvermoeibaar verder. Dus eigenlijk zijn eind en eeuwigheid gewoon elkaars tegenpolen, maar tegelijkertijd even onbegrijpelijk. Neem nou het eind. Dat was iets waar ik nooit uitkwam. Stel, er is helemaal niks na de dood. Wat voel je dan? Waar ben je dan? Wat zie je dan? Wat denk je dan? 'Miauw.' zei de vlieg. Even was het stil. Ik kwam een beetje overeind en keek naar de vlieg op het puntje van mijn gymp. 'Wat?!' zei ik. 'Miauw.' zei de vlieg weer. Met een opgetrokken wenkbrauw vroeg ik: 'Waar slaat dat nou weer op?' De vlieg wreef ongeïnteresseerd in zijn voorpoten. 'Weet ik veel, wat moet ik dan zeggen?'
'Nou, bijvoorbeeld gewoon bzzzzzzzz enzo.'
'Nee dat klinkt lekker intelligent. En bovendien begon het te vervelen'
'Ja, mij ook...' mompelde ik onverschillig terwijl ik weer achterover leunde. Ik keek bedenkelijk naar het plafond en ging verder met verstrikt raken in termen als eeuwigheid. De vlieg ging weer verder met het wassen van zijn voorpoten.
'Heb jij ooit een vlieg willen zijn?' vroeg hij na een tijdje. Ik keek hem aan (al weet ik bij een bromvlieg nooit naar welk deel van zijn oog ik dan moet kijken) en keek daarna naar de geplette mug op het plafond. De vlieg volgde mijn blik. 'O.'
Pas daarna besefte ik dat ik de vlieg wel eens een naar gevoel zou kunnen bezorgen met een geplette mug aan mijn plafond. 'Ja zie je,' stamelde ik vlug, 'het ging ongeveer per ongeluk, ik rekte me wat uit enzo...' De vlieg onderbrak me. 'Je hoeft je niet te verontschuldigen hoor. Ikzelf heb ook een hekel aan muggen. Ze kunnen zo vreselijk zeuren. Soms halen ze echt het bloed onder je nagels vandaan. Wat je ze trouwens ook niet erg kwalijk kunt nemen, aangezien het min of meer hun beroep is, zeg maar...' Ik vroeg maar niet wat de vlieg van nagels kon weten, waarschijnlijk wilde ik het antwoord niet weten. 'Nee,' ging ik verder, 'ik heb nooit echt de behoefte gehad om een vlieg te zijn. Wel een vogel, dat lijkt mij wel tof.' 'Vogel?' 'Ja, een zwaluw ofzo. Geen duif. De duiven die ik doorgaans tegenkom zijn zo over de weg uitgesmeerd dat het lijk asof je er drie nieuwe van kunt bouwen. Al heb je daar wel wat fantasie voor nodig, want die duiven zien er vak niet zo... duivig meer uit, zeg maar.' Het was weer stil. 'Wanneer... is een duif een duif?' vroeg ik langzaam. 'Ik bedoel, als je d'r een vleugel aftrekt, is het dan nog een duif?' 'Ja, ik denk het wel, hij mist alleen een vleugel. Maar het is zeker nog wel een duif.' 'En als ik er nou nog één aftrek. Een vogel zonder vleugels?'
'Ja.. hij kan dan wel niet meer vliegen, maar t blijft een duif. Dan maar één zonder vleugels.'
'En stel ik trek zn beide pootjes eraf, dan hou je een hoofd en een romp over.'
'Hm... Het kan nog koeren, dus het is nog steeds een duif...'
'En als ik nou nog zn hoofd eraf trek? Is het dan nog een duif?' De vlieg kuchtte. 'Nee, dan issie gewoon dood.' Even viel een bedenkelijke stilte. 'Ik denk,' zei de vlieg, 'dat een duif pas geen duif meer is, als dat wat je eraf trekt op een duif begint te lijken.' Ik lachtte. 'Dat zal het zijn.' Ik leunde weer achterover en de stilte bonsde weer met zijn grote fluwelen klossen door mijn kamer. 'Tja...' zuchtte ik. 'Ach...' zuchtte de vlieg. Ik kuchtte. 'Hee ehm... Vlieg? Heb je toevallig ook een naam?' ‘Nee, vliegen hebben geen naam. Ze praten doorgaans ook niet met elkaar. Tenminste, niet meer dan 'Ga eens aan de kant, dit is mijn str...’’ ‘Ok ok, ik begrijp het...’ Ik leunde wat verder achterover. ‘Wel vreemd, geen naam hebben. Mis je niet iets?’ De vlieg lachtte, of maakte een geluid dat erop leek. ‘Meid als alle vliegen een naam moesten hebben, waren we al dood voor we klaar waren. Zie je, ik weet niet of jij 8000 namen kunt verzinnen?...’ ‘Hm...’ Ik legde mijn hoofd weer achterover tegen de leuning van de stoel.
‘Heb jij wel eens nagedacht over dood gaan?’ vroeg de vlieg ineens. Ik keek hem verbaasd aan. ‘Dood gaan? Wel, toevallig zat ik daar net over te denken. En over eeuwigheid enzo. Hoezo?’ ‘Ach ik zat daar gewoon eens over te filosoferen, over de dood, aangezien ik al 2 weken leef.’ Ik keek de vlieg vragend aan. ‘Tja,’ ging hij verder, ‘op zo’n leeftijd ga je nadenken over die dingen, hè.’ ‘En, wat denk je?’ De vlieg haalde zijn schouders op. ‘Ach, misschien is het zo slecht nog niet. Het is gewoon... niets meer.’ ‘Hoezo niets, je kunt toch niet ineens nergens, niets meer zijn? Er moet toch... iets... overblijven?...’ De vlieg gaf geen antwoord. Ik dacht na. Ja, de halve mensheid denkt dat het kan, bedacht ik me.
Ik deed m'n ogen open, kennelijk had ik even geslapen. Voor me op het bureau zat mijn kat te kauwen op een vlieg die ze had gevangen. Ze keek me aan. ‘Miauw’
eline - Reacties: 5 - 21-10-07 13:23:07 - Kliks: 367
[1]
|